Dreigende pensioenkortingen

 

De dreigende kortingen in het huidige pensioenstelsel laten zien hoe hard nodig het is dat er een nieuw pensioenstelsel komt met bijpassende rekenregels. Daarom is het ook heel goed dat de leden van het CNV hebben ingestemd met het pensioenakkoord en dus met de komst van dat dat nieuwe pensioenstelsel. Momenteel wordt dat nieuwe pensioenstelsel uitgewerkt in de Stuurgroep door het kabinet samen met vakbonden (ook CNV) en werkgevers. In die tussentijd is het volgens CNV niet goed voor het vertrouwen van de deelnemers als er nu gekort gaat worden, terwijl dat in het nieuwe pensioenstelsel heel anders zou uitpakken. Het CNV zet er dus op in om pensioenkortingen zo veel mogelijk te voorkomen.

In september 2019 sprak oud-minister Hans Hoogervorst in het Tv-programma Buitenhof al over een ‘krankzinnige wereld’. Hoogervorst gaf aan dat de extreem lage rente niet het gevolg is van spontane economische ontwikkelingen, maar primair wordt veroorzaakt door het monetair beleid van de centrale banken. Dit lijkt dicht in de buurt van artikel 142 van de Pensioenwet (‘een uitzonderlijke economische situatie’), en daarmee kan Minister Koolmees eventuele kortingen voorkomen.

Enkele partijen pleiten inmiddels voor twee jaar uitstel van alle kortingen. Koolmees mag hierover beslissen op grond van artikel 142 van de Pensioenwet. En bij twee jaar uitstel tilt Koolmees de kortingen over de komende verkiezingen van de Tweede Kamer heen.

Eind september 2019 heeft Piet Fortuin, de nieuwe voorzitter CNV Vakcentrale per 1 januari 2020, in dagblad Trouw het volgende laten optekenen over de pensioenkortingen:

“Wij vinden ze (de pensioenkortingen) nog altijd onnodig, en willen de kortingen dus voorkomen. Dat was ook de doelstelling van het pensioenakkoord van afgelopen juni. Maar sindsdien is de situatie verslechterd. De rente daalde verder waardoor pensioenfondsen dieper in de problemen zitten. CNV vindt dat het stof daarover eerst politiek moet dalen. We leggen het probleem voorlopig bij minister Koolmees.”

Klik hier voor 10 veelgestelde vragen over pensioenen.

Klik hier voor uitleg over de basis van ons pensioenstelsel.

Teken hier de petitie!

Aanpassingen van de Aow-leeftijd en de Aow-bedragen

 

Het goede nieuws is dat voor veel leden de Aow-leeftijd naar beneden is bijgesteld. Er zijn echter nog veel vragen over de gevolgen. Bijvoorbeeld: hoe komt het dat je een lager pensioenbedragen te zien krijgt na aanpassing Aow-leeftijd in bijvoorbeeld de pensioenplanner van ABP (de zgn. Mijn ABP-omgeving). Dit zal zich zeker ook voordoen bij de pensioenplansoftware van andere pensioenfondsen. Dit komt door een combinatie van redenen:

  1. Een deelnemer gaat nu eerder met pensioen. Dat betekent dat je minder lang premie inlegt voor je pensioenopbouw. Het pensioen dat je al heeft opgebouwd, blijft gewoon intact.
  2. Doordat je eerder met pensioen gaat, kan je inleg minder lang renderen. In de oude situatie zou je inleg bijvoorbeeld 45 jaar renderen. In de nieuwe situatie ga je na 44 jaar en negen maanden met pensioen. Je inleg rendeert dan drie maanden minder. Je pensioen is daardoor een klein beetje lager.
  3. Door de verlaging van de AOW-leeftijd kan je eerder met pensioen. Je pensioenfonds moeten je pensioenbedrag dus over een langere periode uitsmeren. Je pensioenuitkering wordt daardoor per maand iets lager. Maar je ontvangt je pensioenuitkering wel over meer maanden.

 

Prettig nieuws: hogere Aow in 2020

Veel deelnemers in het bedrijfsleven (denk aan de metaalsector of de bouwsector) hebben een laag bedrijfspensioen. De Aow-uitkering is daardoor veruit de belangrijkste uitkering en die wordt vervroegd door het Pensioenakkoord.

Bovendien gaat de Aow-uitkering in 2020 naar verwachting met ruim 2% omhoog. De AOW-uitkeringen worden elk half jaar aangepast. De Sociale Verzekeringsbank moet overigens nog de AOW-bedragen voor 1 januari 2020 bekendmaken.